Zestien jaar, zo oud werd Mees, de zoon van Anemoon Elzinga en Arjan Berkhuysen, mijn gasten in aflevering #72 van ‘Helende gesprekken’. Anemoon en Arjan trouwden tweeëntwintig jaar geleden en kregen zoon Mees en dochter Lente. Namen uit de natuur en dat is niet voor niks, want de natuur was altijd al belangrijk voor hen. Maar na het verlies van Mees, die al fietsend werd aangereden op hun geliefde waddeneiland en woonplaats Terschelling en daarna overleed, werd de natuur nóg belangrijker. “Het verdriet was zo groot, daar móesten we mee naar buiten”, zegt Anemoon.
En dus liepen en liepen Anemoon en Arjan; stil, pratend, huilend, lachend, maar in ieder geval: sámen. ‘De natuur leerde ons hoe dood en leven, verlies en groei met elkaar zijn verweven. Het bood ons ander perspectief. De nachtelijke sterrenhemel deed ons beseffen dat we onderdeel zijn van iets groters. We stampten in de duinen zonder dat we ons beoordeeld voelden. Het mos ving onze tranen op. In de zee voelden we weer veerkracht opborrelen. En oude bomen lieten ons zien dat er levens voor ons zijn geweest en ook weer na ons zullen komen.’ Deze prachtige tekst staat op hun website https://www.walkofgrief.nl, want dit rouwpad hebben Anemoon en Arjan ontwikkeld: een vijfdaagse pelgrimstocht van 75 kilometer door de natuur van Terschelling, bedoeld voor mensen in rouw.
In dit helende gesprek vertellen ze over Mees, op wie ze zó trots blijven en die ze nog altijd kunnen voelen, en hun missie om mensen te helpen om wandelend in de natuur ruimte te maken voor verlies. NB Tijdens ons gesprek kwam en verdween de zon voortdurend en scheen dan weer wel en dan weer niet door de ramen, waardoor het beeld steeds een beetje verkleurt. De natuur…
‘Helende gesprekken’ staat op YouTube, Spotify, Apple Podcasts en elk ander podcastkanaal.
Ook benieuwd naar mijn verhaal? Luister dan de tien afleveringen van ‘Mijn helende verhaal’ plus de toegift van mijn dochter Sterre op mijn YouTube-kanaal.
Op donderdag 17 september ben ik er weer met een nieuwe aflevering van ‘Helende gesprekken’, hopelijk tot dan! Liefs, Stephanie